Özcan Akyol is juist dol op Amsterdam, dat lees ik duidelijk tussen de regels

Özcan Akyol schijnt bedreigd te zijn vanwege zijn anti-Amsterdamcolumn voor Nieuwe Revu, deze week. Dat vind ik erg vreemd. Ik heb het stuk net gelezen en hij klinkt juist als een typische Amsterdammer. Hij heeft het over de teloorgang van volkscultuur, over de veryupping en over de ondergang van Ajax. Hoeveel Amsterdamser wil je het hebben?

Ik denk dat de bedreigers alleen de titel hebben gelezen ‘Als Amsterdammer een ras was, dan was ik een racist’. Verder is de haat in de tekst namelijk alleen uit liefde geboren.

Zelf ben ik een van die vele provincialen die in zijn studententijd Amsterdam is gaan omarmen. Voor mij was deze stad twintig jaar geleden vooral zo’n warme deken omdat er geen monocultuur was die mij iets opdrong. Nog steeds vind ik het horen van een authentiek Amsterdams accent behoorlijk exotisch. In zekere zin bestaat de échte Amsterdammer dan ook niet. Dat is al eeuwen zo. Jongens als Özcan en ik hebben hier altijd al gehoord. Sterker nog, wij maken Amsterdam. Iedereen die hier woont, woont hier bewust, niet omdat we hier alleen toevallig vandaan komen. Wat ik in deze laatste alinea zeg, verwoord Akyol als volgt:

Ik ben op zoek naar de identiteit van Amsterdam, maar die kan ik niet vinden: in de binnenstad spreken ze alleen Engels, Russisch, Chinees, Spaans en Frans, aan de grachten communiceren de mensen via een onverstaanbaar kaktaaltje met elkaarurrr en alle etnische minderheden zijn buiten de ring weggemoffeld. Amsterdam bestaat helemaal niet meer. De mensen die zich als radicale Amsterdammer profileren, leven in een utopische wereld. Het is een sentiment uit het verleden.”

Perfect omschreven
De columnist heeft de identiteit van Amsterdam dus perfect omschreven, maar door er een bepaald toontje aan te plakken, doet hij net of zijn neus bloed. Alsof het iets slechts is. Hij maakt Amsterdam zelfs nog een stuk minder provinciaal dan het – in vergelijking met echte grote Europese steden – eigenlijk is. Het is haast meer een omschrijving van Londen of Parijs, dan van dit fijne dorpje waar ik woon.

Er is geen binnenstad in Europa te vinden waar nog overheersend volkswijken zijn, zelfs niet in Deventer lijkt me, maar door dit weg te laten, maakt hij de Grachtengordel nog verdachter dan het al is. Maar ik trap er niet in. Özcan Akyol toont al na twee maanden Amsterdam grote liefde voor onze hoofdstad. Al maakt hij zichzelf nog wijs dat dit haat is.

Bij Ajax doet hij hetzelfde. Die voetbalclub zie ik (als ras echte provinciaal) nog een stuk langer als de mijne, dan de stad.

Dat brengt me weer bij Ajacieden. Bestaat er een club met arrogantere supporters? Nee. Ajax werd met 5-1 van de mat geveegd door een middenmoter, maar de supporters willen niet dat wij spreken van De Kampioen van de Armoede. ‘Wat is de rest dan?’ is een veelgehoorde repliek.”

Ik ken geen Ajacied die het niet met hem eens zal zijn. Natuurlijk is dit Ajax kampioen van de armoede. Geen slag mensen dat beter zichzelf kan relativeren dan de Amsterdammer. Persoonlijk schaam ik me kapot voor dit Ajax. Welke supporters hij gesproken heeft weet ik niet, maar zijn relativering toont dat hij juist een prima Ajacied zou zijn. Als ‘wij’ al zo slecht zijn, wat is de rest dan inderdaad wel niet? Noem het arrogant, na een tijdje zal ook Özcan zien dat het eerder realiteitszin is.

Eens
Ik ben het bijna helemaal met de schrijver eens dus, een echte haatcolumn kan dit dan ook niet zijn. Zijn standpunten verklaren namelijk juist mijn liefde voor de stad.

Eén stukje valt echter een beetje uit de toon: “Alleen bij de tokkies en allochtonen, in de volkswijken, is het nog goed toeven, daarbuiten lijkt het sektarisch. Iedereen doet hetzelfde. Iedereen wil hetzelfde. En iedereen is even ergerlijk in zijn gedrag.

Het grootste deel van het stuk lijkt Özcan zich te storen aan het gebrek aan eenvormigheid, maar ineens doet iedereen hetzelfde en wil iedereen, ergerlijk, hetzelfde. Ik denk dat dit woorden zijn van een nieuwkomer.

Je moet ergens langer zijn om verschillen te zien. Maar dat gaat wel lukken. Özcan zal hier prachtige jaren beleven, dat lees ik tussen zijn regels door. Provocateurs kunnen doorgaans prima aarden in deze stad. Het is hier ook echt minder eenvormig dan in Deventer, geloof me. En mensen die denken dat het ergens op slaat om deze schrijver te bedreigen, verwijs ik graag naar een cursus begrijpend lezen.

 

Lees ook:Jan Vertonghen bevestigt wat ik al jaren dacht: hij is een echte Amsterdammer
Lees ook:Fabiola spotten
Lees ook:Amsterdam verandert niet, nooit
Lees ook:Vanuit Amsterdam schreeuw ik: Red De Kuip
Lees ook:Spiegeltje, spiegeltje… wat is de lelijkste straat van Amsterdam?

Geen reacties // Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>